Samenwerken met ggz en verslavingszorg: een warme overdracht

Een cliënt die behandeling krijgt bij de ggz of verslavingszorg en daarnaast begeleiding nodig heeft, heeft baat bij professionals die op elkaar aansluiten. Wanneer de overdracht goed loopt, hoeft de cliënt zijn verhaal niet steeds opnieuw te vertellen en weet iedereen wie waarvoor aan zet is. In dit artikel lees je wat uit Nederlandse bronnen bekend is over ketenzorg en overdracht, en wat je als verwijzer in het algemeen van een goede overdracht mag verwachten.

Waarom afstemming niet vanzelf gaat

Het Trimbos instituut schrijft in een rapport over samenwerking tussen ggz en sociaal domein dat samenwerking niet vanzelf ontstaat. Het vraagt expliciete aandacht, onder meer omdat medewerkers van beide kanten eerst moeten weten wat ze van elkaar kunnen verwachten. Sinds de invoering van de Wmo zijn gemeenten verantwoordelijk voor de ondersteuning van mensen met een ernstige psychische aandoening. Daardoor werken ggz, verslavingszorg, huisartsen, wijkteams en begeleiders vaak rond dezelfde cliënt. Over verslaving constateert het Trimbos instituut dat er meer samenwerking nodig is tussen sociale wijkteams en de verslavingszorg.

Wie doet wat in de keten

De Landelijke ggz Samenwerkingsafspraken, opgesteld door het Nederlands Huisartsen Genootschap en het Netwerk Kwaliteitsontwikkeling ggz, beschrijven een globale verdeling. De huisarts behandelt lichte tot matige problemen. Voor matige tot ernstige problemen is er generalistische basis ggz. Specialistische ggz richt zich op ernstige, terugkerende of complexe problemen en op situaties met een hoog risico op schade. Behandeling is dus een taak van deze zorgaanbieders. Begeleiding in het dagelijks leven valt in het algemeen onder de Wmo. Daarmee ontstaan twee sporen die naast elkaar lopen en op elkaar moeten aansluiten.

De Rijksoverheid vermeldt dat een overdracht binnen de ggz geen nieuwe verwijzing van de huisarts vraagt. Een melding van de zorgaanbieder aan de huisarts is dan voldoende. Ook dat laat zien hoe belangrijk het is dat de huisarts op de hoogte blijft.

Wat kenmerkt een goede overdracht

Op basis van de genoemde bronnen zie je een aantal principes terugkomen. Dit zijn algemene uitgangspunten uit de literatuur en geen vaste procedure van een bepaalde organisatie. Afspraken verschillen per regio en per aanbieder.

Heldere wederzijdse verwachtingen. Professionals weten wat ze wel en niet van elkaar mogen verwachten.

Een vaste contactpersoon. Het Trimbos instituut beschrijft regio’s waar vaste aandachtsfunctionarissen of contactpersonen de samenwerking versterken.

Één cliënt, één plan. Het Trimbos instituut noemt als voorbeeld het uitgangspunt van één casus, één plan en één regisseur, waarbij het plan samen met de cliënt wordt gemaakt en duidelijk is wie wat doet. Het rapport merkt wel op dat zo’n gezamenlijk plan in de praktijk nog weinig voorkomt.

Toestemming en zorgvuldige informatie. Medewerkers van de ggz hebben een beroepsgeheim en kunnen niet alles delen. Zonder duidelijke afspraken blijft dat een spanningsveld. Een van de regio’s in het rapport waarschuwt dat privacy geen excuus mag zijn om samenwerking te vermijden. Vraag de cliënt daarom vroeg om toestemming en leg vast met wie welke informatie gedeeld mag worden.

Afspraken over terugval en crisis. De Landelijke ggz Samenwerkingsafspraken noemen momenten waarop contact tussen huisarts en behandelaar nodig is, zoals bij signalen van een crisis of bij een wijziging van psychiatrische medicatie.

Snelle toegang tot specialistische zorg. Wanneer cliënten stabiliseren en naar het wijkteam of begeleiding doorstromen, moet snel opgeschaald kunnen worden als dat nodig is.

Wat je als verwijzer zelf kunt doen

Een warme overdracht is meer dan een formulier. Een paar praktische punten die in de lijn liggen van bovenstaande bronnen:

Bespreek met de cliënt wat hij of zij wil delen en leg de toestemming vast.

Geef kort weer wat er al is geprobeerd en waar de cliënt tegenaan loopt in het dagelijks leven.

Noem wie het aanspreekpunt is aan jouw kant en vraag dat ook aan de ontvangende partij.

Maak afspraken over wie wat doet en hoe je elkaar bereikt bij terugval of een crisis.

Laat de cliënt zelf aanwezig zijn bij het eerste contact, als dat kan. Zo houdt de cliënt de regie.

Begeleiding aansluiten op de behandeling

Van Heugten Hulpverlening is een klein en hecht team dat ambulante begeleiding biedt aan volwassenen vanaf 18 jaar bij psychische klachten, een verslaving of beide, ongeacht de diagnose. Wij bieden begeleiding en geen behandeling. Iedere cliënt heeft een vaste casemanager, zodat er een duidelijk aanspreekpunt is. De begeleiding is gebaseerd op de CRA methodiek en een samen opgesteld begeleidingsplan, waarbij de cliënt de regie houdt.

Aanmelden kan met toestemming van de cliënt door een naaste, huisarts of andere professional via het aanmeldformulier. Na aanmelding neemt een casemanager direct contact op. Meer over hoe de Wmo is ingericht lees je in ons artikel over de inrichting van de Wmo.

Bronnen: Samenwerking ggz en sociaal domein voor mensen met ernstige psychische aandoeningen, Trimbos instituut; Alcohol en drugs in de wijk, Trimbos instituut; Informatie voor gemeenten over de generieke module Ernstige Psychische Aandoeningen, Trimbos instituut; Landelijke ggz Samenwerkingsafspraken, samenvatting, NHG en Netwerk Kwaliteitsontwikkeling ggz; Psychische hulp: huisarts of ggz, Rijksoverheid.

Direct aanmelden

Twijfel je of wij iets voor je kunnen betekenen? Meld je vrijblijvend aan via het aanmeldformulier of bel 085 130 41 60.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *